Presilla had elf miskramen: ‘Ik wil dat verdriet nooit meer meemaken’

[ad_1]

“Mijn moeder was achttien toen ik geboren werd. Ik vond het hartstikke leuk om zo’n jonge moeder te hebben. Veel mensen dachten dat zij mijn oudere zus was. Alles kon ik met haar delen: mijn verliefdheden, dingen die er tijdens het stappen gebeurden, vragen over drugs. Dat was allemaal thuis bespreekbaar omdat zij zich nog goed in mij kon verplaatsen.

Het leek mij heerlijk om zelf ook zo’n vlotte, fitte moeder te worden. Toen ik twintig was, probeerde ik met mijn ex zwanger te worden. Dat lukte niet, en uit onderzoek bleek het probleem bij zijn zaad te liggen. Ik onderging vier IVF-behandelingen, maar helaas zonder succes. Onze relatie overleefde dit traject niet en we gingen uit elkaar.”

“Acht jaar geleden kreeg ik een relatie met William, die ik al langer kende. Het voelde meteen zo goed tussen ons, met hem wilde ik oud worden. Beiden hadden we een kinderwens en we lieten er geen gras over groeien: binnen twee maanden besloten we voor een kind te gaan. Stiekem verwachtte ik dat het zo raak zou zijn. Met mij was immers niets mis, de vorige vruchtbaarheidsproblemen lagen aan mijn ex. Maar maand na maand kwam er een grote teleurstelling.”

Veel onzekerheid en tranen

“Na anderhalf jaar proberen was ik nog altijd niet zwanger. We gingen naar het ziekenhuis, waar ik steeds werd weggestuurd: ‘Wacht nog maar even af, je bent nog zo jong’, kreeg ik te horen. Ik voelde me totaal niet serieus genomen, terwijl iets in mij zei dat het helemaal niet goed zat. William en ik werden uiteindelijk onderzocht, maar ze konden niets vinden.

We kwamen in aanmerking voor IUI-behandelingen, waarbij Williams zaadcellen hoog in mijn baarmoeder werden ingebracht. Zes pogingen leidden niet tot die gewenste positieve test. We deden bij mijn zorgverzekering een aanvraag voor een IVF-traject, maar die werd afgewezen omdat ik in mijn eerdere relatie al IVF had gehad. Deze bureaucratie vond ik ongelooflijk. Uiteindelijk ben ik gaan werken in België, waardoor ik daar zes trajecten vergoed kreeg. Opnieuw brak er een tijd aan met veel onzekerheid en tranen.”

“Al mijn vriendinnen en nichten raakten in de tussentijd zwanger. Dat het ons steeds niet lukte, viel me loodzwaar. Babyshowers kon ik niet aan en op kraambezoek gaan stelde ik zo lang mogelijk uit. Ik vond het te pijnlijk en te confronterend. Toch was er ook goed nieuws. Vier jaar geleden was ik eindelijk zwanger na een IVF-terugplaatsing. Ik was zó blij en vertelde het aan iedereen. Over ons traject was ik altijd open, dus dit wilde ik ook graag delen.

Maar een dag voor ik de eerste echo zou krijgen, kreeg ik krampen en begon ik hevig te bloeden. Meteen wist ik dat het foute boel was. Op de huisartsenpost werd een echo gemaakt, en daarop was er al geen vruchtje meer te zien. Krijsend van verdriet zakte ik op de grond. Ik was er kapot van. De kans op een zwangerschap was bij ons al zo klein en nu het eindelijk raak was, ging het mis.”

Elf verloren vruchtjes

“Het bleef niet bij die eerste miskraam. In totaal ben ik elf vruchtjes verloren, meestal als ik rond de acht weken zwanger was. Zo vaak vroeg ik me af waarom een baby ons niet gegund leek. Ik weet nog dat ik een keer een oud-klasgenoot van mij op straat zag. Ze was hoogzwanger en stond met haar bolle buik een sigaret te roken, en ik wist dat ze ook drugs gebruikte. In de auto barstte ik in huilen uit. Waarom zij wel en ik niet? Je wilt niet jaloers of verbitterd worden, maar dat gebeurt wel.”

“Het was slopend om al die miskramen mee te maken. Niemand begrijpt hoe dat voelt, hoe vaak je het ook uitlegt. Gelukkig had ik aan William en mijn ouders veel steun. Maar ik was ook vaak boos. Op het ziekenhuis, op de omstandigheden, maar vooral op mijn lichaam. Doe je werk nou toch eens, dacht ik dan gefrustreerd.

Ik ging door met alle behandelingen met mijn verstand op nul. Want als ik echt iets wil, ga ik er helemaal voor. Mijn ouders smeekten mij op den duur om ermee op te houden, want ze waren bang dat ik eraan onderdoor ging. Ik was dertig kilo afgevallen en alleen maar bezig met zwanger raken.”

Botte reacties

“Het was een raadsel waarom ik door IVF wel zwanger raakte, maar de vrucht niet vasthield. Na de zoveelste miskraam kon ik niet eens meer blij te zijn met een positieve zwangerschapstest. Ik durfde niet meer te hopen op een baby en vertelde het aan niemand meer als ik zwanger was of als het weer was misgegaan. Een miskraam maakt zoveel kapot, maar niemand praat erover. En als je dat wél doet, wordt het weggewuifd: ‘Oh, dat gebeurt zo vaak. Dat is de natuur, dan was er vast iets niet goed met het kind.’

“Zulke botte reacties doen pijn, daarom durven veel vrouwen er niet over te praten. Ze willen geen zeur zijn. Ik heb zelf ook weleens gehad dat iemand met haar ogen rolde toen ik over mijn miskramen vertelde. En toen ik een keer ruzie had met een kennis, zei diegene tegen mij dat ik een aansteller was: ‘Je bent nog minder dan een konijn, want je kunt niet eens fokken.’ Zo intens gemeen en pijnlijk.”

Progesterongehalte 

“En toen was daar de allerlaatste embryo en de allerlaatste terugplaatsing. Volgens een nieuw protocol werd er op de vijfde dag na de terugplaatsing bloed bij mij geprikt. Uit dat bloedonderzoek bleek dat mijn progesterongehalte (vrouwelijk geslachtshormoon, red.) naar nul was gezakt. En dát was de reden waarom de vruchtjes niet goed bij mij innestelden en steeds na een paar weken werden afgestoten.”

“Ik moest direct progesteroninjecties gaan spuiten. In Nederland waren die spuitjes nergens te krijgen. Met gierende banden zijn we naar Antwerpen gereden, waar de apotheek speciaal voor ons iets langer openbleef. Het was een race tegen de klok, zonder deze injecties was het weer misgegaan.”

Moeilijk om te genieten 

“Dat we nu een oorzaak wisten van alle miskramen gaf een gevoel van opluchting en vertrouwen. Toen de eerste cruciale twaalf weken voorbij waren, waren mijn vriendinnen en familie uitzinnig. Maar zelf kon ik heel moeilijk van mijn zwangerschap genieten. Bij ieder pijntje of steekje dacht ik dat het weer misging, continu hing ik paniekerig aan de telefoon bij mijn verloskundige.

Maar rond de zeven maanden zwangerschap kwam er rust in mij. Toen ben ik ook eindelijk losgegaan met het kopen van babykleertjes en het kamertje inrichten. De bevalling verliep perfect. Het was onwerkelijk toen Rosie-Mae op mijn buik werd gelegd. Daar was ze dan, eindelijk. Ze was alles waar William en ik zo naar verlangden.”

Geen ‘eind goed, al goed’

“De wens voor een tweede kind is er zeker, maar ik wil nooit meer de pijn en het verdriet van een miskraam meemaken. Nu de oorzaak hiervoor is gevonden, heb ik goede hoop dat dit ook nooit meer gebeurt. Mijn advies aan andere vrouwen die ook kinderen zijn verloren tijdens de zwangerschap: praat erover, ook na een succesvolle zwangerschap. Ik merk namelijk dat veel mensen denken dat alles bij mij oké is nu ik een dochter heb. Maar het is geen ‘eind goed, al goed’, zo werkt dat niet.

Ik heb nog steeds weinig vertrouwen in mijn lichaam. En de angst om mijn dochter alsnog te verliezen is enorm groot. Toen ze net geboren was, bleef ik hele nachten wakker om te checken of ze wel ademde. En ik sta doodangsten uit als ze een keer ziek is. Dan denk ik nog steeds: mag ik wel moeder zijn?”

Hulp bij verwerking miskramen

“Ik vind dat vrouwen meer hulp moeten krijgen met de psychische verwerking van miskramen, want zo gemakkelijk ben je er niet overheen. Gelukkig lukt het mij steeds beter om mijn angsten los te laten. William en ik genieten volop van Rosie-Mae. Moeder zijn is net zo mooi en leuk als ik had verwacht. Alles draait om mijn dochter, niets anders is meer belangrijk.”

Wil je geen aflevering van deze rubriek missen? Klik dan op de Nooit Meer-tag hieronder en vervolgens linksboven op ‘Volgen’.

Nooit meer? 

Wil jij ook je verhaal kwijt en vertellen wat je ‘nooit meer’ wil meemaken, doen of juist laten? We zijn benieuwd naar jouw verhaal. Mail ons op weekendmagazine@rtl.nl

[ad_2]

https://www.rtlnieuws.nl/lifestyle/artikel/5384966/presilla-nooit-meer-miskraam-elf-miskramen-wil-dat-verdriet-nooit-meer