Aga (51) loopt 226 km in 24 uur en is daarmee Belgische kampioene: “Ik moest leren om trager te lopen” (Deurne)

[ad_1]

Bij de Deurnse atletiekclub Antwerp Athletics wordt ze op handen gedragen, de 51-jarige Aga uit Mortsel. Ze kroonde zich vorige week niet alleen tot Belgische kampioene op de 24 uurloop in Brugge. Ze liep er ook de beste Belgische tijd in de laatste 33 jaar bij de vrouwen. Enkel de Belgische ultralooplegende Angela Mertens, deed ooit beter. Met 226 kilometer en 162 meter liep ze ook een Belgisch record bij de 50-plussers, op 6km van het algemeen Belgisch record. En, het is nog niet gedaan: in het algemeen klassement (mannen en vrouwen), behaalde ze de tweede plaats, op 600 meter van Merijn Geerts die als eerste over de streep kwam op het Ultrarunfestival in Brugge.

Op de wereldranglijst bij de vrouwen staat Aga dit jaar op de 10de plaats voor de 24 urenloop.

Afstanden en prestaties om van achterover te vallen, maar Aga blijft er heel bescheiden bij. In de kantine van Antwerp Athelics, naast de piste in Park Groot Schijn in Deurne, neemt ze ons mee in haar avontuur. Ook Peter Sneijders sluit mee aan. Samen met Luc De Vocht, ook van Antwerp Athletics, zorgde hij voor de logistieke ondersteuning en de bevoorrading. “Het is een teamprestatie”, zegt Aga. “Zonder hen was me dit nooit gelukt.”

Luc De Vocht en Peter Sneijders met Aga aan hun bevoorradingspost.© rr

1700 km

Voorzitter Peter Fisscher zette haar voor de training ook nog even in de bloemetjes, letterlijk met een boeket, maar ook met een cadeaubon voor een nieuw paar loopschoenen. Geen overbodige luxe voor ultralopers zo blijkt, want na zo’n 800 km zijn de loopschoenen voor de vuilnisbak. En in de voorbereiding voor haar prestatie op de 24u heeft ze maar liefst 1700 kilometer gelopen in amper vijf maanden tijd.

Aga blikt heel tevreden terug op haar prestatie. “Het was ook de eerste keer dat ik echt met een coach heb getraind”, zegt ze. “Ik loop meestal gewoon op het gevoel, maar nu heb ik heel gericht getraind. Eerst heb ik op snelheid getraind voor de marathon van Gent vorig jaar. Daarna heb ik deelgenomen aan de 6 uur van Warschau, op uithouding. (Ook daar liep Aga een Belgisch record, red.) Dan pas heb ik de stap gezet naar de 24u in Brugge, waarvoor ik vooral heb moeten leren om trager te lopen.”

Peter Fisscher, voorzitter van Antwerp Athletics zet Aga in de bloemetjes op de club in Park Groot Schijn.© Patrick De Roo

Niet slapen

Toch laat ze zich in een wedstrijd niet blindstaren op het eindklassement. “Als ik loop, ben ik enkel met mezelf bezig”, zegt ze. “Het doel in Brugge was 200 kilometer. Het Belgisch record, dat op 216 kilometer stond, daar had ik op voorhand zelfs nog niet over nagedacht. Ik zie het niet als een competitie met andere lopers. Het is een competitie met mezelf. En tussen de ultralopers heerst er wel een heel fijne sfeer. We moedigen elkaar aan om het meeste uit elkaar te halen.”

Aga liep de 24u in één stuk, met uitzondering van een paar pauzes van een twintigtal minuten. “Iedereen kiest dat zelf”, zegt ze. “Sommigen gaan tussendoor ook even slapen, maar ik wil vooral niet te lang stilstaan. Ik wissel van kledij en schoenen, eet iets en loop dan verder. En onderweg hebben Peter en Luc me ook ongelofelijk goed bijgestaan. Ik had een heel gedetailleerd schema met wat ik wanneer moest eten of drinken. Peter en Luc zorgden daarvoor. Een thermos soep, energiegels, soms wat fruit,… Ik ben hen daar heel erg dankbaar voor.”

Aga met haar beker en medailles die ze behaalde op het Ultrarunfestival vna Brugge.© Patrick De Roo

WK in Taiwan

Haar prestaties op de Ultrarunloop in Brugge hebben Aga ook een kwalificatie opgeleverd voor het WK in Taiwan, als is het aan de Belgische atletiekbond om te beslissen of ze ook effectief mag gaan. “Ik kan ook voor Polen gaan lopen, waarvan ik afkomstig ben”, zegt ze. “Maar ik woon nu al 25 jaar in België. En het is voor België dat ik wil lopen.”

Haar liefde voor atletiek is wel in haar geboorteland begonnen, waar ze tot haar 19de al knappe prestaties neerzette als sprintster. Haar sportcarrière zette ze aan de kant voor haar gezin. Pas in 2013 trok ze opnieuw haar loopschoenen aan. “Toen heb ik voor het eerst de Ladiesrun gelopen in Antwerpen. Ik was zonder enige voorbereiding achttiende geëindigd. Ik kwam nochtans van ver. Tot 2007 rookte ik nog een pakje sigaretten per dag. Om maar te zeggen dat je alles kan omgooien.”

Na de Ladiesrun volgde in datzelfde jaar de Rivierenhofloop waar ze derdes eindigde. In 2016 liep ze haar eerste marathon. In 2018 de eerste ultrarun, ook al de 24u. “Ik heb mezelf uitgedaagd om 100 kilometer te lopen”, zegt ze. “En toen ik die heb behaald, ben ik uit de wedstrijd gestapt. Een jaar later hetzelfde, na 160 km. Maar dit jaar kwam die 200 km in vizier en ben ik gewoon doorgegaan. En in december opnieuw, hopelijk op het WK.”

© Patrick De Roo

[ad_2]

https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20230530_96083795